Woensdagmiddag
heb ik de - intens moeilijke - beslissing genomen om Dexter
in te laten slapen. Bijzondere jaren heb ik samen met hem beleefd...
Een vriend als geen ander, elf en een half jaar lang! Hij werd
een grote troost voor me nadat mijn vader was gestorven en toen
ikzelf kanker bleek te hebben. Hij kende me en ik hem: onvoorwaardelijk
trouw aan elkaar en onafscheidelijk zijn we geweest. Veel leed
wilde ik hem besparen nadat in zijn bek een plaveiselcel-carcinoom
was geconstateerd. Ik wist dat hij na de zomer niet verder zou
hoeven... De dierenarts diagnosticeerde uitzaaiingen in zijn
longen en in de mondbodem (aangetast kaakbot). Ik zei tegen
Willem dat ik Dexter wellicht niet meer mee naar huis zou nemen
als de tijd daar was... En hij is niet meer thuis gekomen.
Snikkend,
verteerd door ons innige afscheid stapte ik de auto in, draaide
aan de volumeknop van de autoradio en hoorde: